Kaarslicht in de wintertijd
Met de wintertijd in zicht kies ik voor zachter licht. Waarom LED-kaarsen beter passen bij herstel van Graves.
Volgende week gaat de klok weer een uur terug. De avonden worden langer, de kamer donkerder — en dan merk ik hoe graag ik licht om me heen heb. Kaarslicht voelt warm, vertrouwd, bijna troostend. Toch ben ik er sinds mijn hersteltraject bij Graves wat voorzichtiger mee geworden. Ik had nooit stilgestaan bij wat er vrijkomt als een kaars brandt: fijnstof, rook, geurstoffen die mijn zenuwstelsel prikkelen.
Ik weet nu dat juist in de periode dat ramen vaker dichtblijven, zelfs de automatische ventilatie niet voldoende kan zijn om me te beschermen tegen de effecten daarvan. LED-kaarsen blijken voor mij een onverwachte uitkomst. Ze flikkeren niet, geven een zacht licht en passen mooi bij mijn cocoon momenten — zonder de rook of geur van echte vlammen.
Ik zet er geregeld een paar aan rond etenstijd, als het buiten donker wordt. Dat moment markeert voor mij het begin van de rustfase van de dag.
Misschien kom ik rond de feestdagen nog wel eens bij familie thuis of in een restaurant waar nog echte kaarsen aangestoken zijn. Maar voor mij is dat dan de uitzondering in het donkere seizoen die mijn emmertje hopelijk niet doet overlopen.
